![]() |
|
||||||
MIEREN |
|||||||
| SINT-AGATHA-RODE - RODEBOS |
|||||||
| Smith, 1943 | |||||||
| . In het kader van een grootschalig onderzoek in de Vlaamse bossen werd ruim aandacht geschonken aan de diversiteit van ongewervelden zoals spinnen, loopkevers en mieren. Hier geven we wat de mieren betreft de resultaten voor het Rodebos dat waarschijnlijk ooit deel uitmaakte van het grotere complex Heverleebos-Meerdaalbos. In het BRAKONA Jaarboek 2001 verscheen hiervan een afzonderlijk verslag voor wat de spinnen en mieren aangaat (De Bakker & Dekoninck) alsook een bijdrage voor de loopkevers (Desender, K. et al.). In totaal werden 18 soorten in dit bos waargenomen :
Voor een 'bos' is dit een ruime soortenlijst. Het is dan ook een divers bos met zowel grove den als wintereikenbestand, berkenbestand, beukenbestand, vochtig loofbos en voedselrijk elzenbroek. Bovendien werden de meeste soorten gevonden in een dottergrasland met overgang naar een droog grasland (11 soorten) en opengekapt bos met evolutie naar droge heide (9 soorten). . * * * * * . |
|||||||